Bij de landing wordt de voorwaartse energie omgezet in lift energie. (m.a.w. hoe sneller je gaat hoe zachter de landing) Op deze wijze kan je een zeer zachte landing bekomen. Flaren doet U door op 2 meter van de grond aan uw beide stuurlijnen te trekken. Landen doen we steeds tegen de wind, vandaar de T en de windzak. Als U bij het flaren iets te hevig bent, komt uw koepel in stall, en dan gaat U een harde landing krijgen. Om deze reden zijn de koepels van leerlingen zodanig afgesteld dat je ze niet in stall kan krijgen.
|